Service Centrum Grond wederom vrijgesproken

Den Haag, 21 mei 2006

Tussen 1995 en 2005 heeft de n.v. Service Centrum Grond (het SCG) wettelijke taken uitgevoerd ingevolge de Wet bodembescherming, de Wet belastingen op milieugrondslag en het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen. Kort gezegd ging het daarbij om het beoordelen van de reinigbaarheid van verontreinigde grond. In dat kader moest het SCG ook beoordelen of het ter beoordeling aangeboden materiaal kon worden aangemerkt als “grond”.

In 1999 is de politie een strafrechtelijk onderzoek gestart tegen het SCG en anderen. Verdenking was dat enige partijen ten onrechte zouden zijn aangemerkt als “grond”. Dat zou het strafbaar feit van “valsheid in geschrifte” hebben opgeleverd.

Het onderzoek heeft in 2004 geleid tot een zitting van de rechtbank te Rotterdam. Op 2 december 2004 heeft de rechtbank het SCG en de andere verdachten op alle punten vrijgesproken, zie het persbericht. Het OM is tegen die uitspraak in beroep gegaan. De zaak heeft in beroep gediend voor het Hof te Den Haag. Ook het Hof heeft het SCG en de andere verdachten op alle punten vrijgesproken, zie de uitspraak.

Nu het OM niet in cassatie is gegaan, is de strafzaak afgerond. De cassatietermijn verstreek op 18 mei 2006.

Voor een mondelinge toelichting kunt u contact opnemen met Henk van Zoelen/directeur SCG, tel. 070 - 3735123